Mrs. Dalloway 2.0

Mrs. Dalloway manuscript

1923. In haar huis in Richmond doopt Virginia Woolf een pen in de inkt. Ze zit onderuitgezakt in de zetel met enkele bladen onbeschreven papier op haar schoot, een sigaret in haar linker hand, haar wapen van verzet in de andere. Ze heeft hoofdpijn. Een bekende, sluimerende hoofdpijn, die langs haar ruggenwervels naar boven kruipt en zich dan onder haar schedel nestelt. Mijmerend over de eerste woorden van haar nieuwe boek, neemt ze een teug van haar sigaret. Op dat moment is ze reeds een gelauwerd schrijfster en intellectuele. Haar essay “Modern Fiction” brak een lans voor de vernieuwende, modernistische stijl die komaf wil maken met het klassieke realisme. Het proza moet van buiten naar binnen verschuiven, denkt Woolf. Niet wat iemand doet, maar wat iemand denkt. Zo een boek moet ook haar nieuwe werk worden. Maar er is zoveel meer. Virginia is moe. Het leven weegt op haar. Ze heeft last van black-outs, geheugenverlies, stemmen… Ze heeft al gespeeld met de gedachte aan zelfmoord. Ook dat moet in het boek. En dan is er nog haar liefde voor de schrijfster Vita Sackville-West, haar strijd voor vrouwelijke emancipatie en de verschrikkelijke manier waarop de dokters haar behandelen, ook dat moet in het boek. Virginia blaast de sigarettenrook uit haar longen. Het wordt het verhaal van één dag uit het leven van een man en een vrouw. Zij een huisvrouw uit de hogere klasse die een feestje organiseert. Hij een getormenteerde jonge man die geestelijke gekraakt is door de oorlog. Twee uiterst verschillende mensen die elkaar niet kennen, maar toch erg op elkaar lijken. Eén dag in hun leven en in die dag, alles wat Virginia zeggen wil. Ze beweegt haar pen over het blanke blad: Mrs. Dalloway said she would buy the flowers herself.

Van Woolf gescheiden door een halve eeuw en een oceaan, legt de Amerikaanse auteur Michael Cunningham Mrs. Dalloway neer. Wat een meeslepend werk, een monument van de twintigste-eeuwse literatuur. En toch, denkt hij, het is ook een beetje gedateerd. Vrouwen hebben al heel wat rechten verworven, de eerste wereldoorlog ligt weer een heel eind achter ons en ook holibis worden steeds beter aanvaard. Wat kan Mrs. Dalloway nog betekenen aan het einde van dit millennium, hoe kunnen de thema’s nog relevant zijn? Cunningham neemt pen en papier. De wereld is veranderd in zeventig jaar tijd, maar mensen hebben nog steeds problemen. Mensen grijpen nog steeds naast hun grote liefde, aids teistert de Amerikaanse (homo)bevolking… Hoe zou het zijn voor Clarissa Dalloway om vandaag te leven? Ze zou wel kunnen toegeven aan haar lesbische verlangens voor Sally. Het plaatje zou er helemaal anders kunnen uitzien. Maar niet enkel voor het hoofdpersonage. Hoe zou het geweest zijn Mrs. Dalloway te lezen in pakweg 1949? En hoe was het voor Woolf om het boek te schrijven?

Het leuke aan Mrs. Dalloway en The Hours na elkaar lezen is niet enkel dat je de vele parallellen tussen Woolfs personages en situaties enerzijds en Cunninghams moderne alternatieven anderzijds herkent, maar ook dat het je laat nadenken over literatuur. Woolfs modernisme is bij de Amerikaanse auteur reeds gekanteld in postmodernisme en dus snijdt hij haar oorspronkelijke verhaal en thematieken vakkundig in drie, om zo de relatie tussen de verschillende actoren in het leesproces – auteur, lezer en personage – te onderzoeken. Zo krijg je als lezer een bespiegeling over het wezen en de functie van literatuur. Daarnaast biedt Cunninghams verhaal ook een intiem panorama van de geschiedenis van de vrouw en het biseksuele verlangen in de twintigste eeuw. In het zog van Woolfs bijzondere stijl, is hij erin geslaagd een ontzettend mooi en ontroerend boek te schrijven dat even krachtig en vernieuwend is als Mrs. Dalloway zelf was. Schijnbaar moeiteloos weet hij er ons van te overtuigen dat de waarden in het boek nog steeds relevant zijn. Als lezer blijf je achter met een ontzettend mooie leeservaring en een nog grotere liefde voor literatuur. De personages kruipen dermate onder je huid dat ze je dagenlang niet meer loslaten. En daarna kunnen we enkel nog ongeduldig wachten tot iemand, binnen veertig of vijftig jaar, opnieuw de pen opneemt en vertelt wat Woolfs werk dan nog kan betekenen.

 

Afbeelding: http://www.bbc.co.uk/programmes/p025xsfk

Written by